RAVregio12: Inrichting Ambulance

navigatie:

Home
Algemeen
Actueel
Meldkamer
Standplaatsen
Wagenpark
GHOR
Ketenpartners
Technologie
Film
Nieuwsbrief
Links
Contact
Disclaimer

 

 

 

 

 

 

 

Wagenpark RAV Kennemerland

Aan de buitenkant is het meestal niet te zien, maar van binnen zit de ambulance vol met apparaten en hulpmiddelen om een patiënt zo goed mogelijk te kunnen verzorgen. Hieronder kunt u de binnenkant van een ambulance bekijken en zien wat er zoal in een ambulance aanwezig is.

De exacte inhoud, kleur, vorm en plaats van de apparatuur in het voertuig kan per ambulance verschillen. Tevens is dit overzicht niet uitputtend.

Zicht vanuit de cabine:

De Brandcard

Uiteraard zit er in de ambulance een brancard. Op de brancard kan een patiënt liggend vervoerd worden. De brancard is in hoogte verstelbaar om het eenvoudiger te maken om een patiënt erop te leggen. Het bovenstuk kan losgehaald worden van het onderstel, bijvoorbeeld wanneer een patiënt op een brancard door de brandweer afgehesen moet worden.

Lifepak 12 monitor + defibrillator

In de ambulance bevindt zich ook de Lifepak 12. Dit is de hartmonitor en defibrillator. Met de Lifepak 12 kan een uitgebreide analyse van het hart gemaakt worden. de defibrillator maakt het mogelijk direct een elektrische schok toe te dienen indien dit noodzakelijk wordt geacht. Een groot voordeel van de Lifepak 12 is dat hiermee hartfilmpjes en andere data direct naar een ziekenhuis gezonden kunnen worden. Zo kan een cardioloog in een ziekenhuis nog voordat de ambulance in het ziekenhuis aankomt het hartritme beoordelen.

Spoedkoffer/spoedtas

In de spoedkoffer bevinden zich allerlei spullen om een patiënt te behandelen, zoals een stethoscoop, infuus, diverse instrumenten en medicijnen. De spoedkoffer gaat (evenals de Lifepak 12) vrijwel altijd mee naar de patiënt. In plaats van de koffer worden ook wel spoedtassen gebruikt (Haarlem).

Zuurstoftas

In de ambulance bevindt zich ook een zuurstoftas. In de tas zit een fles met zuurstof, een beademingsballon, maskertjes, neusslangetjes op zuurstof toe te dienen, en tubes op een patiënt te intuberen. Zuurstof kan worden toegediend aan patiënten met ademhalingsproblemen of met andere vormen van zuurstoftekort. Ambulances van Haarlem hebben een losse zuurstoffles, de andere instrumenten zitten in de spoedkoffer of elders in de ambulance.

Kinderkoffer

In de ambulance bevindt zich tevens de kinderkoffer. Deze oranje koffer bevat allerlei materialen en instrumenten speciaal voor de behandeling van (kleine) kinderen. Alles is extra klein. Voorbeelden zijn een kleine beademingsballon en kleine tubes voor intubatie.

naast de kinderkoffer hangt het beademingsapparaat.

Beademingsapparaat

Ook hangt er in de ambulance een beademingsapparaat. Dit apparaat kan een patiënt extern beademen. Het beademingsapparaat is voorzien van een zuurstoffles. Tevens bevinden zich in de ambulance nog twee grote zuurstofflessen.

Verbandkoffer

In de verbandkoffer (uiterst links bovenin) bevinden zich allerlei verbandspullen, zoals natuurlijk verband, gaaskompressen, mitella's, een verbandschaar en steriele doekjes.

Uitzuigapparaat

Het uitzuigapparaat bevindt zich ook in de ambulance. Het is een krachtig apparaat om bijvoorbeeld de maag van een patiënt leeg te zuigen. Ook kan het apparaat gebruikt worden om spalken vacuüm te zuigen. In het uitzuigapparaat bevindt zich een opvanggedeelte.

Evac-chair

De Evac-chair is een bijzonder hulpmiddel in de ambulance. Het is een soort stoel waarmee een patiënt zittend van de trap 'gereden' kan worden. Een speciaal mechaniek zorgt ervoor dat de patiënt zonder veel schokken over de traptreden kan worden verplaatst. Dit apparaat is vooral handig om patiënten die niet kunnen lopen eenvoudig beneden te krijgen. Manoeuvreren met een brancard over de trap is namelijk erg lastig. Overigens kan de Evac-chair alleen op rechte trappen gebruikt worden.

Stiffneck

Schuin onder de Evac-chair hangt de Stiffneck. Dit is een nekkraag om te zorgen dat een patiënt met pijn in de nek (na bijvoorbeeld een val of ongeval) geen draaiende bewegingen met het hoofd kan maken. Eventueel letsel aan de wervelkolom kan hiermee beperkt worden.

Wervelplank

Onder de brancard ligt de wervelplank. Op de wervelplank worden patiënten gelegd met nek- en rugklachten (bijvoorbeeld als gevolg van een val of ongeval). De wervelkolom wordt hierdoor gefixeerd, zodat eventueel letsel tijdens het vervoer van en patiënt niet verergert. Aan het hoofdeinde van de plank kunnen door middel van klittenband de headblocks geplaatst worden, zodat het hoofd van de patiënt gestabiliseerd is. Als iemand geen rugklachten heeft, maar wel liggend verplaatst moet worden, bevind zich in de ambulance ook een speciale schepbrancard.

Headblocks

Als een patiënt een stiffneck omheeft en op de wervelplank ligt, worden op het klittenband van de wervelplank de headblocks geplaatst. Deze worden met twee bandjes aan elkaar bevestigd, zodat het hoofd van de patiënt goed gefixeerd is en de patiënt veilig vervoerd kan worden.

Behandeling van brandwonden (Burnshield)

Voor het behandelen van brandwonden bevinden zich in de ambulance speciale Burnshield-compressen, waarmee een speciale gel de brandwond beschermt.

Rugspalk (KED-spalk)

Bij patiënten die rugletsel hebben opgelopen, wordt een speciale rugspalk aangebracht. Deze wordt tegen de rug van de patiënt geplaatst en met speciale banden aan de voorzijde vastgemaakt. Een patiënt kan dan nauwelijks bewegen, hierdoor wordt het mogelijk iemand te vervoeren, zonder dat het letsel door het vervoer verergert. Een patiënt met een rugspalk ligt ook op de wervelplank en wordt zo voorzichtig mogelijk vervoerd. Want ondanks de goede fixatie blijft het letsel vaak wel pijnlijk.

Diverse spalken

In de ambulance bevinden zich nog meer spalken. Hiermee kunnen bijvoorbeeld een arm of een been gespalkt worden . De spalk wordt aangebracht en vervolgens vacuüm gezogen, waardoor de spalk zich vormt naar de stand van het lichaamsdeel. Zo is de breuk optimaal gefixeerd en kan een patiënt veilig vervoerd worden. Het vacuüm zuigen kan met een pompje of met het uitzuigapparaat gebeuren.

De LUCAS

De LUCAS is een apparaat dat borstcompressies (hartmassage) geeft. Het bestaat uit twee onderdelen: een plaat welke onder de patiënt geschoven wordt, en een opzetstuk. Dit opzetstuk wordt aan de plaat bevestigd, waarna de pomp wordt afgesteld. De LUCAS wordt aangedreven door perslucht, dat aan het apparaat wordt aangesloten. De ambulancediensten in de regio Kennemerland zijn in april een proef gestart met dit nieuwe apparaat. Meer over de LUCAS vindt u op 112Beverwijk, voor een demonstratiefilmpje kunt u op de filmpagina terecht.

 

 

 

© 2009 112ijmondmedia